Theo was niet alleen actief als onderwijzer (en later hoofd) van zijn school, maar ook in het verenigingsleven in Oenkerk en omgeving. Zo was hij leider van de 'Knapenvereniging Samuël' te Oenkerk (28 jan 1910 - aug 1919), richtte hij de 'Bibliotheek Trynwâlden' op en was hij administrateur van het Ziekenfonds (vanaf 1 jan. 1919).
Ook hield hij zich bezig met de declamatiekunst, waarmee hij vele prijzen in de wacht wist te slepen bij reciteerwedstrijden. thumb OdoAdergeenHij gebruikte daarvoor niet alleen bestaande teksten, maar schreef ook zelf gedichten, die deels in de krant van Oenkerk werden afgedrukt. Hij schreef onder het pseudoniem "Odo Adergeen", een naam die was samengesteld uit verschillende letters uit zijn eigen naam. Er is heel veel materiaal aanwezig op dit vlak; vreciterenele schriften vol gedichten, overgeschreven of zelf gemaakt. En veel nummers van het "Christelijk Reciteerblad", waarin een aantal artikelen van zijn hand te vinden zijn, o.m. een weerlegging van een beschuldiging dat het houden van reciteerwedstrijden niet zou stroken met de ernst van de (christelijke) reciteerkunst: er zou teveel platvloersheid in kunnen sluipen... (1918) Hij is ook redacteur van dit blad. Om een indruk te geven van de serieuze wijze waarop het reciteren werd benaderd, kun je hier linken naar de genoemde weerlegging. Theo blijkt te beschikken over een 'vaardige pen'!
Opvallend is een groot aantal gedichtjes over drankgebruik/misbruik, een actuele zaak in de twintiger jaren van die eeuw met veel armoede en werkloosheid, Theo betoont zich een aanhanger van de 'Blauwe Knoop', - alhoewel ik me uit latere jaren herinner dat hij op een verjaardag of feest best een borreltje lustte... Uit de enorme hoeveelheid gedichten van zijn hand die in het archief zitten, heb ik een paar gekozen voor dit verhaal over zijn leven. Naast het omslag van een van de vele schriftjes waarin hij zijn gedichten schreef een paar gepubliceerde gedichtjes over drank, daarnaast een gedicht dat hij in zijn mooie schoonschrift schreef voor Tj.P. (zijn latere echtgenote Tjettje Postma).
  Rijmenthumb gedichtenthumb gedichtTjPbrief op berkenbast 1925